Grensverleggende innovatie

Vervolg op http://www.vhcbv.com/waarom-deze-site

Zoals bekend wordt onder ‘innovatie’ een breed palet van mogelijkheden verstaan, van structuur en procesverbetering tot wezenlijk nieuwe producten en diensten. Producten en diensten die het bestaande – impliciet onderliggende – businessmodel verlaten en een nieuw concept bieden.

Deze site, en eventueel daaruit voortvloeiende dienstverlening, richt zich op de laatste vorm van innovatie, dus de diepgaand vernieuwende variant.

Waarom? Omdat alle andere vormen van innovatie naar mijn mening prima binnen het Nederlandse bestek van innovatie-dienstverlening en meningsvorming worden ondersteund. Zou ‘Structuurbrengers en Droomdoeners’ zich daarop richten, dan zou er sprake zijn van ‘meer van hetzelfde’ en dat kunnen we beter zien te vermijden.

Er is nog een andere reden, een diepere. Nederland doet het op dit soort innovaties in het algemeen niet zo goed. Harde conclusie, maar die is wel aannemelijk te maken. Alleen op gebieden als gaming, literatuur, mode, architectuur speelt Nederland in de voorhoede mee en deze sectoren staan dan ook garant voor goede marges en krachtige bedrijven.

Feitelijk staat Nederland niets in de weg om in andere sectoren, denk aan productontwikkeling op velerlei gebied, bouw, opleiding en natuurlijk internet, eveneens een toonaangevende rol te spelen. Het opleidingsniveau is door de bank genomen van prima gehalte en wat betreft ideeen en visies hoeft Nederland geen stap terug te doen ten opzichte van het de-facto innovatie-’land’: Amerika. Alleen… het lukt daar wel en hier niet. Zwart-wit gesteld dan, ook daar gaan er dingen mis. Kortom, we staan – in mijn ogen – voor de ‘opdracht’ een manier te vinden die het beschikbare innovatieve vermogen daadwerkelijk in beweging brengt.

Het zou van tomeloze arrogantie getuigen als ik hier zou beweren dat ik dat ‘even’ tot stand zou kunnen brengen. In mijn uppie. Desnoods met een ploegje mensen die over een bewezen innovatief vermogen beschikken. Dat lukt niet. Natuurlijk niet.

Wat wel lukt is het gezamenlijk opstarten van een – niet gesubsidieerd! – speurtocht naar innovatief talent en het maken van keuzes die ertoe leiden dat de dominante rol van de structuurzoekers (organisatie, planning, structuur, taakverdeling ed) wat wordt afgebogen, waardoor droomdoeners (ideeen, visies, productperspectief ed) ook, en meer dan nu het geval is, hun kans krijgen. Zoeken en vinden van kansrijke baanbrekende innovaties is een essentiele stap. Zien doet geloven immers.

En voor alle duidelijkheid, droomdoeners zijn geen flanzende nietsdoeners, sterker, dat zijn ze juist niet, maar ze werken zo totaal verschillend van de structuurbrengers dat een echt communicatie er niet echt van komt. Wat een wezenlijk verschil is met de heersende structuur-modus is het risicoprofiel van deze vorm van innovatie. Verreweg de meeste innovaties lukken namelijk niet en dat moeten we ons goed realiseren. Van de 1000 ideeen zullen er 10-15 uiteindelijk ‘heel kansrijk’ zijn en dan is het de kunst om daar uiteindelijk die 1 of 2 uit te pikken die echt nieuwe perspectieven bieden. Liefst meer natuurlijk. Dat is precies hetgeen de structuurbrengers nogal tegenstaat: de succeskans is veel kleiner dan die van procesverbetering. Ik kan hier alleen over zeggen: accepteer het. Het is niet anders. Om er meteen aan toe te voegen dat je er juist alles aan zult moeten doen om die succeskans toch te verhogen. Dáárin ligt de samenwerking tussen structuurbrengers en droomdoeners. Vergroten van de slaagkans en verbeteren van het risicoprofiel.

Mocht ik een rol in dit proces spelen, dan zal dat per definitie een bescheiden rol zijn. En wat mij betreft zo kort mogelijk. Wel kan het zijn dat mijn opvattingen behoorlijk tegen de ‘heersende mores’ instrijken, sterker, dat zal zeker het geval zijn. Als dit leidt tot betere kansen, sterkere en meer principiele innovatie, leidend tot een sterker bedrijfsleven en een prominenter Nederland, dan is dat precies wat ik hoop ter bereiken!

Carel van Heugten

Leave a Reply